Project
  • Initiatief
  • Voorbereiding
  • Uitvoering
  • Gereed

Waterlagen op platte daken en het veranderende klimaat (ST-49)

Verwachte oplevering: Q3 2020
Partners:

Met het veranderende klimaat neemt de aandacht toe voor verschillende uitvoeringen van (begroeide) platte daken met specifieke afvoervoorzieningen en (tijdelijke) bergingscapaciteiten van regenwater en daaraan gekoppelde waterlagen.

De klimaatverandering  heeft  mede tot gevolg  dat steeds vaker extremere buien optreden  met grotere regenintensiteiten en neerslaghoeveelheden dan volgens de huidige uitgangspunten in NEN 3215/NTR3216 voor het dimensioneren van de regenwaterafvoer en -overstortvoorzieningen.

De capaciteit van een dakafvoerpunt van een regulier regenwaterafvoersysteem en van een regenwater-overstortsysteem wordt grotendeels bepaald door de waterhoogte boven de intrede van het dakafvoerpunt. Deze waterhoogte wordt, afhankelijk van het afvoersysteem, de overlaathoogte, drijfhoogte of stuwhoogte genoemd.   Voor de bepaling van de capaciteit van het dakafvoerpunt bij overlaatstroming gaan NEN 3215:2018 en NTR 3216:2018 uit van het grensdebiet waarbij een nagenoeg constante verhouding bestaat tussen de drijfhoogte en de aansluitmiddellijn van dakafvoerpunt/standleiding.

Afhankelijk van de uitvoering van het platte dak kan een beperking aan de grootte van de drijfhoogte worden gesteld, die dus kleiner is dan bij het grensdebiet. Hoe dan de capaciteit van het dakafvoerpunt wordt bepaald is niet in NEN 3215 opgenomen. Hoe dan de waterhoogte bij het functioneren van de overstortvoorziening is te toetsen aan de hoogte van de waterdichte lijn van het dak, dan wel aan de door de constructeur opgegeven wateropvoerende capaciteit van het dak, is evenmin in NTR 3216 opgenomen.    

De TVVL Expertgroep Sanitaire Technieken (ST) wil met de resultaten van een literatuurstudie  adviezen gegeven  voor aanpassingen / uitbreidingen van NEN 3215 (norm voor Gebouwriolering en buitenriolering binnen de perceelgrenzen) en NTR 3216 (Richtlijnen voor riolering van bouwwerken gebaseerd op NEN 3215) in het kader van een veranderd klimaat. Daarmee wordt tevens een bijdrage geleverd aan OSKA, het  platform Standaarden Klimaatadaptatie, dat een landelijk platform is waarin overheden, bedrijven, kennisinstellingen en standaardisatie-organisaties samenkomen met als oogmerk dat standaarden rekening gaan houden met de effecten van een veranderend klimaat.

Ten behoeve van de studie is voorbereidend werk uitgevoerd (inventarisaties) waarvan de resultaten zijn vastgelegd in:

  • TVVL Technisch Rapport ST-48  ‘Reguliere regenwaterafvoer en regenwaternoodafvoer van vlakke daken’: Een verkenning ten behoeve van een toetsingsmethode voor de waterhoogte op daken in relatie tot de hoogte van de waterdichte lijn van dakconstructies. In het rapport zijn gegevens uit een Duitse publicatie en norm vergeleken met de voorschriften en richtlijnen uit Nederlandse normen en richtlijnen.
  • Memo ST-48-1: Daarin zijn de  formules van Nederlandse normen en richtlijnen voor de bepaling van de waterhoogte boven de dakafvoeren en noodafvoeren met elkaar  vergeleken. Het betreft  NEN 3215:2018 en NTR 3216:2018 met NEN-EN 1991-1-3+C1/NB (2011) en NPR 6703:2006.
  • Memo ST-48-2: Daarin zijn de formules van  Nederlandse normen en richtlijnen voor de bepaling van de afmetingen van noodafvoeren vergeleken met de Belgische richtlijnen van het WTCB en de Europese norm EN 12056-3.
  • Memo ST-48-3: Heeft betrekking op het bepalen van de stuwkromme van de waterlaag op platte daken. Daarbij is gebruik gemaakt van de Master Thesis ‘Een oriëntatie op het gedrag van waterlagen op platte daken’ (TU/e, ID0593963 (2010) van J. de Borst. 
  • Memo-ST-48-4 : Dit memo richt zich op de recent  verschenen ISSO-praktijkboek ‘Multifunctionele groene daken en gevels’.  Uit  het praktijkboek zijn de meest relevante gegevens opgenomen die van belang  zijn voor de ontwerp-  en uitvoeringsaspecten van reguliere hemelwaterafvoersystemen en van regenwaternoodafvoer / -overstortvoorzieningen. Daaraan is toegevoegd informatie uit STOWA-rapport 2015-12, de Duitse FILL Dachbegrünungsrichtlinien für Planung, Bau und Instandhaltung von Dachbegrünungen (2018) en informatie uit technische informatiebladen van dakbegroenings-systeemleveranciers. Verder is voor aanvullende informatie over Regenintensiteiten en klimaatverandering gebruik gemaakt van de STOWA-rapporten 2018-12 en 2019-19, en de Bachelor Eindwerken: ‘Hemelwaterafvoer in een veranderend klimaat – Gevolgen voor de norm in 2050’ van F. Dam (4487797, 2018, TU- Delft);  en  ‘Wateraccumulatie in een veranderend klimaat’ van A. Bac (4383923, 2018, TU-Delft).

 

Planning:  januari – juni  2021 

Betrokken deelnemers:  Eric van der Blom  (projectleider)  en Will Scheffer (voorbereiding)

Financiering: Techniek Nederland, TVVL en Wij Techniek (aanvraag)

Betrokken deelnemers (2)

Thema'sGroepenDeelnemersProjecten